Trendspotters in uniform

Luuk Wolsink en Jorg Zebregs

In Utrecht is vertrouwen in de politie geen vanzelfsprekendheid, maar iets dat jongeren en agenten telkens opnieuw moeten vinden. Jongeren geven aan zich soms veilig te voelen bij ‘blauw’, terwijl één controle of moment van verwarring genoeg kan zijn om de politie als ‘vijand’ te ervaren. Roel Verkerk, jeugdagent in het centrum van Utrecht, balanceert dagelijks tussen handhaven en het opbouwen van vertrouwen. In deze casus volgen makers Luuk en Jorg de jeugdagent gedurende het najaar van 2025. Tijdens zijn diensten ervaren zij hoe complex dit spanningsveld in de praktijk is.

Wat vinden jongeren van de politie, hoe gaat Roel hiermee om en welke trends houden hem bezig?

Voor veel jongeren begint het met een gevoel in hun buik. De één zegt dat de politie “vriend” is en verwijst naar positieve of neutrale ervaringen: een groet op straat, een korte controle, orde bij uitgaan of na een wedstrijd. Een ander beschrijft juist een schrikreactie zodra er een politieauto in beeld komt: gaat het licht op de fiets wel aan, klopt alles wat in de tas zit, wordt een kleine fout meteen groot gemaakt? Die spanning tussen veiligheid en controle bepaalt of een agent gezien wordt als beschermende aanwezigheid of als iemand die op zoek is naar fouten.

Roel herkent dat jongeren hem vooral op die “kleine dingen” zien – bellen op de fiets, geen helm, een verkeersfout – maar legt uit dat hij die momenten ziet als schakels in een groter geheel. In zijn werk zijn controles niet losstaande incidenten, maar punten in een traject waarin ook meldingen, eerdere overtredingen en thuisproblemen meespelen. Juist bij jongeren die vaker in beeld komen, schuift hij aan in overleggen met gemeente, jongerenwerk en hulpverlening om voorwaarden af te spreken en herhaling te voorkomen. Voor de jongere voelt dat misschien als steeds opnieuw eruit gepikt worden; voor Roel is het dezelfde jongen die hij al maanden of jaren volgt.

Een vorm van profileren

Profileren vormt het scherpste breekpunt in dat vertrouwen. Jongeren geven aan dat ze denken dat niet iedereen gelijk wordt behandeld, en verwijzen naar verhalen waarin een donkere jongen eerder wordt gecontroleerd dan een witte leeftijdsgenoot, of waarin een bepaald type auto opvallend vaak aan de kant wordt gezet. Ze benoemen dat niet altijd als bewuste kwade wil, maar wel als iets dat “bekend is” onder jongeren en hun keuzes beïnvloedt: welke route je fietst, welke auto je koopt, hoe je reageert als je licht ziet in de spiegel. Die ervaringen vormen een collectief geheugen waartegen elke nieuwe controle wordt afgezet.

Trendspotten

Op de achtergrond speelt de online wereld een steeds grotere rol. Jongeren leven in een omgeving waarin korte fragmenten van aanhoudingen, schreeuwpartijen of harde ingrepen razendsnel rondgaan, zonder context. Roel ziet hoe challenges, vloggers en filmpjes die agenten belachelijk maken, gedrag op straat beïnvloeden en jongeren uitdagen om verder te gaan voor views. “Het begin van dat treiteren begon ongeveer toen rapper Boef populair begon te worden, ze werden wel eens omschreven als treitervloggers. Dit is natuurlijk een slecht voorbeeld voor de nieuwe jeugd die dit soort filmpjes dan al snel over gaat nemen.” 

Tegelijk probeert Roel samen met collega’s via digitale wijkagenten, eigen content en projecten als “gamen in de wijk” juist weer in diezelfde online wereld aanwezig te zijn, om trends te volgen en jongeren te waarschuwen. Zo ontstaat een soort schaduwgesprek: jongeren filmen de politie, de politie kijkt mee op hun tijdlijn. “We doen dit om de nieuwste trends of online hacks op te sporen. Zo ontstond vorig jaar de trend om schoolboeken te gooien, ja je verzint het niet.”

In het geheel is vertrouwen geen eindconclusie maar een voortdurende onderhandeling. Jongeren testen of agenten luisteren, of ze uitleg geven, of ze soms ook waarschuwen in plaats van meteen te bekeuren. Roel test hoe ver hij kan gaan in aanspreken zonder de relatie op te blazen, en hoeveel ruimte er binnen regels is om maatwerk te leveren. Tussen wantrouwen, afschrikking, profilering en bescherming zoeken beide kanten houvast. Dit artikel kiest daarin geen kant, maar toont vooral hoe dun de lijn is waarop jongeren en politie elkaar in Utrecht ontmoeten: soms als tegenstanders, soms als bondgenoten, en vaak als twee partijen die weten dat ze niet zonder elkaar kunnen.

Dit verhaal is verteld door:

Top